Iran

De hoogste leider en geestelijk leider (Perzisch: Rahbar) is ayatollah Ali Khamenei (sinds 4 juni 1989). Hij is voor het leven benoemd. Onder de verantwoordelijkheid van de geestelijk leider vallen onder andere de rechtspraak, het leger en controle over de media.

De geestelijk leider wordt bijgestaan door een raad van twaalf mannen, de Raad der Hoeders. Deze raad bestaat uit zes religieuze leden en zes rechters in het geestelijk recht, de sharia.

Het parlement (majlis-e-shura-e eslami) bestaat uit 290 volksvertegenwoordigers, die door het volk gekozen worden. Zij worden voor een periode van vier jaar verkozen.

Het volk kiest ook een Vergadering van Experts, die uit 86 geestelijken bestaat. Deze vergadering benoemt de geestelijk leider.

Ook andere geestelijken hebben politieke invloed, ook al hebben zij geen zitting in een van bovengenoemde raden of vergaderingen. Door het uitspreken van een fatwa of religieus decreet leggen zij hun volgelingen op hoe te handelen. Onder deze geestelijken zitten ook progressieven, die bijvoorbeeld voor meer rechten voor vrouwen zijn.

Politieke tegenstellingen

In het algemeen zijn de geestelijken conservatief en zeer streng gelovig. Zij baseren hun principes en wetgeving op de koran. De leden van het parlement zijn in het algemeen wat progressiever. Zij willen een minder strenge interpretatie van de islam, met meer persoonlijke vrijheid.

Een groeiende meerderheid van de bevolking kan zich ook niet vinden in de retoriek van de geestelijken (anti-Amerika, anti-Israël). De bevolking, die voor meer dan de helft jonger is dan twintig jaar, wil graag economische hervormingen zien om de werkloosheid tegen te gaan. De geestelijken doen hier echter weinig aan, wat de ontevredenheid bij de bevolking vergroot.

Een nieuwe revolutie, die de geestelijken moet verdrijven, wordt door kenners dan ook niet ondenkbaar geacht.

De verkiezingen van 20 februari 2004 zijn door veel kiezers geboycot. Zij protesteren hiermee tegen de conservatieve krachten, zoals de Raad der Hoeders die verbood dat progressieve kandidaten zich verkiesbaar konden stellen.
De politiek staat in het teken van de strijd tussen hervormers en de conservatieve
rechterlijke macht. Sociaal-politieke en mensenrechtenhervormingen, waarvoor president Khatami en het parlement pleitten, werden vaak tegengehouden door de Beschermraad, het hoogste wetgevende orgaan dat wetten onderzoekt om ervoor te zorgen dat ze overeenkomen met de islamitische beginselen en de Iraanse Grondwet. De Beschermraad hanteert een striktere interpretatie van politiek en sociaal gedrag en ethische codes. De raad wist diverse hervormingsgezinde wetsvoorstellen te blokkeren. Wettelijke hervormingen op het gebied van de mensenrechten, die werden verworpen door de Beschermraad, bevatten twee door de president ingediende en in 2002 door het parlement goedgekeurde wetsvoorstellen. De eerste was een wetsontwerp waarmee de president rechtbankbesluiten kon herroepen die hij in strijd met de grondwet achtte. De tweede, die de Beschermraad de bevoegdheid zou ontnemen om kandidaten voor algemene verkiezingen te selecteren, werd tweemaal verworpen. In augustus verwierp de Beschermraad onder verwijzing naar financiële en constitutionele redenen, een voorstel van het parlement dat voorzag in ondertekening door Iran van het VN-Verdrag tegen Foltering. In december gaf het parlement tekst en uitleg over bedenkingen van de Beschermraad, maar het verdrag was eind 2003 nog niet geratificeerd. Wetsvoorstellen om marteling voor het afdwingen van bekentenissen of informatie te verbieden was in 2002 tot tweemaal toe verworpen.

Grote aantallen politieke gevangenen, onder wie gewetensgevangenen, zaten straffen uit die hen in voorgaande jaren waren opgelegd na oneerlijke processen. Talloze anderen werden in 2003 gearresteerd, vaak willekeurig en velen na studentendemonstraties. Ten minste een tiental politieke gevangenen werden zonder aanklacht of proces of regelmatig toegang tot hu familieleden en advocaten gedetineerd. Gerechtelijke autoriteiten legden de vrijheid van meningsuiting en vereniging aan banden, waaronder die van etnische minderheden; vele kranten werden verboden, Internetsites gefilterd en journalisten gevangengezet. Ten minste één gedetineerde overleed tijdens hechtenis, naar verluidt na te zijn geslagen. Het op grote schaal intimideren van familieleden van politieke gevangenen stak weer de kop op. Ten minste 108 terechtstellingen werden uitgevoerd, onder meer van langgestrafte politieke gevangenen en vaak in het openbaar. Ten minste vier gevangenen werden veroordeeld tot de dood door steniging terwijl ten minste 197 mensen werden veroordeeld tot geseling en elf mensen tot amputatie van vingers en ledematen. De ware aantallen lagen mogelijk veel hoger.

Nadat in binnen- en buitenland onrust ontstond over het kernwapenprogramma van Iran, zorgde de toetreding van het land in 2004 tot het Internationaal Atoom Energie Agentschap voor een verbetering van de diplomatieke betrekkingen met de Europese Unie (EU) en de Verenigde Staten.

Feiten:
Leider van de Islamitische Republiek Iran: Sayed ‘Ali Khamenei
President: Sayed Mohammad Khatami
Oppervlakte: 1.648.000 km²
Inwoners: 66.623.000
Bevolking: Perzen (65%), Azerbajdzjanen (20%), Koerden (10%), Arabieren (2%)
Hoofdstad: Teheran
Doodstraf: wordt gehandhaafd
VN-Vrouwenverdrag en het Facultatief Protocol: niet ondertekend

Comments are closed.